Het logo van het Nederlandse Rode Kruis.
Zoeken.
Home Actueel Nieuws Dat tientje is voor het redden van levens
24 augustus 2010 |

Dat tientje is voor het redden van levens

“Vraag even waar dat tientje voor Pakistan eindigt” luidde de kop van een opiniestuk van Linda Polman vandaag in NRC Next. Zij zwengelde daarmee de discussie aan over de vraag of het steunen van de hulporganisaties wel verstandig is in een land als Pakistan, dat zich dagelijks geconfronteerd ziet met kwesties als terrorisme, corruptie en conflict. Een goede vraag - maar qua timing uiterst ongelukkig.

 
We kennen Linda Polman als een kritisch volger van goede doelenorganisaties. Zij vervult daarmee een belangrijke functie. Goede doelen moeten als geen andere sector laten zien dat zij zorgvuldig met geld omgaan en dat dat geld op de plek komt waar het nodig is. Op het terrein van transparantie en verantwoording hebben goede doelen, door hun preoccupatie met hulpverlening, nog veel te leren - wij ook, als Nederlandse Rode Kruis.
 
Wij hebben een lange ervaring op het gebied van hulpverlening. Het internationale Rode Kruis is al tientallen jaren actief in Pakistan, een van de vele conflict- en rampgevoelige landen in de wereld. Voor het Rode Kruis en de Rode Halve Maan is Pakistan geen nieuwe context, alleen een hernieuwde - logistieke - uitdaging.
 
Het op dit moment ter discussie stellen van de hulp aan Pakistan, zoals Polman doet, voedt de discussies op internet, die solidariteit met mensen in nood bediscussiëren , alléén op basis van afkomst of geloof. Ten tijde van de aardbeving in Pakistan - 5 jaar geleden - werden deze vragen niet gesteld en gaf de Nederlandse bevolking massaal. Nu is het blijkbaar geoorloofd humanitaire hulpverlening aan een complex land met overwegend moslim inwoners te ontraden , vóórdat überhaupt verantwoording kán worden afgelegd door de hulporganisaties.
 
Uiteraard dient de discussie over de dilemma's in de hulpverlening en de verantwoording over de geworven gelden ten volle te worden gevoerd. Vanuit het perspectief van de hulpverlener is een discussie over "waar dat tientje eindigt", aan de vooravond van een televisieavond waarop we een dringend beroep doen op Nederland om alsjeblieft te geven voor die miljoenen onschuldige en kwetsbare mensen - onbestaanbaar. Ook al zou het zo zijn dat van dat tientje maar 1 euro ter plekke zou komen, als we daarmee 1 mens - of mensje! - kunnen redden, dan weet ik het antwoord wel op de vraag die Polman in haar opiniestuk stelt - of de hulp meer goed dan kwaad doet.
 
Natuurlijk komt er meer aan bij de slachtoffers dan 1 op de tien euro. Natuurlijk doen we er alles aan om ter plekke te werken met zo integer mogelijke mensen. En natuurlijk mag u ons afrekenen op de besteding van de hulpgelden die we de komende dagen hopen op te halen. Maar niet nu. Nu gaat het erom dat u ons vertrouwt dat we uw geld goed en zorgvuldig gaan besteden aan hulp voor die mensen die het het hardste nodig hebben. Ik kan me haast niet voorstellen dat er in 1953 in Pakistan uitvoerige discussies werden gevoerd over de vraag of het geld dat daar werd geworven voor de slachtoffers van de watersnood in Nederland wel goed terecht zou komen.
 
Het is een teken van de tijd dat deze discussie nu, aan de vooravond van een grote televisieactie, gevoerd wordt. Het is niet de taak van hulporganisaties corruptie te bestrijden, zoals Polman suggereert. Het is wel hun verantwoordelijkheid zich optimaal te weren tegen corruptie en misbruik van gelden en middelen.
 
Rapper Ali B verwoordde het in een van de televisiespotjes voor giro 555 kernachtig; bij leven horen rampen en bij rampen hoort helpen. Wie dan ook, waar dan ook. Zorgvuldig, maar zonder twijfel. Eerst helpen, dan verantwoorden.
 
Cees Breederveld, Algemeen Directeur van het Nederlandse Rode Kruis.