Het logo van het Nederlandse Rode Kruis.
Zoeken.
Home Actueel Nieuws SHO, Buza, en Algemene Rekenkamer bespreken rapportage Haiti-gelden
4 februari 2010 |

SHO, Buza, en Algemene Rekenkamer bespreken rapportage Haiti-gelden

​​De SHO hebben daarbij drie belangrijke aanpassingen toegelicht, die bij nieuwe SHO- afspraken in 2009 al waren doorgevoerd:
 
In alle communicatie is duidelijk aangeven dat de opbrengst van giro 555 niet alleen aan noodhulp, maar ook aan wederopbouw zal worden besteed.
Er is een termijn vastgesteld waarbinnen de wederopbouwactiviteiten zullen plaatsvinden, namelijk 3 tot 5 jaar.

Elk lid van de SHO zal zelf in de eigen jaarrekening inzichtelijk maken hoe zijn deel van de SHO-gelden zijn besteed. Alle SHO-leden hanteren hierbij een zelfde opzet en zullen hierover een accountantsverklaring laten opmaken.

"De Samenwerkende Hulporganisaties hebben bij de Haïti-actie duidelijk gecommuniceerd over het doel en de bestedingstermijn van de opbrengst van nationale actie", zegt Saskia J. Stuiveling, president van de Algemene Rekenkamer. "Deze aanpassingen sluiten goed aan bij aanbevelingen van de Algemene Rekenkamer. De komende jaren zal het publiek een goed inzicht moeten worden verstrekt over de besteding van de hulp aan Haïti."
 
De SHO stellen op basis van het overleg een auditplan op. Buitenlandse Zaken en de Algemene Rekenkamer zullen hierover adviseren.
 
Farah Karimi, voorzitter van de Samenwerkende Hulporganisaties: "De Nederlandse bevolking heeft ons een fantastisch bedrag toevertrouwd om de Haïtianen te helpen. Daarover zullen we zo goed mogelijk verantwoording afleggen. Het advies van de Algemene Rekenkamer is daarom zeer welkom."
 
De hulporganisaties benadrukken dat naast financiële verantwoording, ook realistische verwachtingen belangrijk zijn. Karimi: "De problemen in Haïti zijn enorm. Ook over 3 tot 5 jaar zullen niet alle problemen opgelost zijn. Maar met ons werk zullen we niet alleen de directe slachtoffers van de ramp helpen, maar omdat de infrastructuur en de overheid zo goed als weggevaagd zijn, zal ook op die terreinen veel werk gedaan moeten worden. Daarvan kunnen uiteindelijke alle Haïtianen, van wie 80% in armoede leeft, profiteren."
 
Minister Koenders is "verheugd over de snelle en goede samenwerking tussen de betrokken partijen. Ik vind het enorm belangrijk dat het geld van de Haïti-actie effectief zal worden besteed."