Het logo van het Nederlandse Rode Kruis.
Zoeken.
Home Afdelingen Afdeling Rotterdam Actueel Nieuws Gasexplosie in Schiedam vanuit de ogen van een hulpverlener
3 februari 2015 |

Gasexplosie in Schiedam vanuit de ogen van een hulpverlener

​Een staatslot wappert over het gras, zomaar, met nog wat andere papiertjes, voor m’n voeten ligt een verpakking van een tandenborstel, leeg……dat wel.

Een staatslot wappert over het gras, zomaar, met nog wat andere papiertjes, voor m’n voeten ligt een verpakking van een tandenborstel, leeg……dat wel. Mijn blik dwaalt verder af over het grasveld, papiertjes, papieren waaien wat heen en weer in een koel briesje. Plots moet ik denken aan die beelden vanuit Amerika, al die wapperende papieren vanuit de twin towers. Ook hier alleen maar kapotte ramen, deuren, wapperende gordijnen en omgevallen bloempotten.

Een brandweerman, zwart gezicht, zware fles op zijn rug steekt zijn tong naar me uit, broertje van een vroeger vriendinnetje, we komen elkaar steeds tegen. Ik neig even naar hem toe te lopen, en hij naar mij….Maar even maakt hij snel het gebaar dat hij moet gaan drinken, en steekt nogmaals zijn tong uit. We staan in een soort oorlogsgebied, er is geen raam meer heel, gordijnen wapperen naar buiten, deuren zijn volledig uit hun sponningen gerukt, het is een bizar gezicht. Brandweermannen, politie, ambulances, overal draaiende lichten, imposante uniformen en nog grotere voertuigen. Elk lintje mogen we gewoon onderdoor, over of langs heen, een uniform doet wonderen in dit soort situaties. Mensen achter de lintjes, veel mensen, veel camera’s, foto’s, lenzen, ze zijn overal lijkt het.

Teams met honden, op zoek naar slachtoffers, overleg, porto’s, telefoons, alles wordt gebruikt voor communicatie, overleg en afspraken. Koffie vanuit een auto, een doos koekjes waar op aangevallen wordt, tja…het is tenslotte een soort van etenstijd, en allemaal zijn we zomaar weer de auto in gesprongen.

Lopend vanaf de kerk met onze thermoskannen koffie…..ze hadden het niet gehaald tot ons team bij het metrostation. Onderweg komen we agenten, oude mannen en bezorgde vrouwen tegen die graag koffie willen, en ook heel graag een koekje. Uiteraard trekken we bekertjes uit onze zak en gieten de bekers vol met warme koffie…Want het is best koud…..

De kerk die als opvang dient zit vol, mensen kijken stoïcijns voor zich uit, of praten aan 1 stuk door, er moeten luiers komen voor de kinderen, medicijnen en andere dingen die sommige mensen nou eenmaal nodig hebben. Mensen vragen, vragen en vragen…..Op sommige dingen weten ook wij geen antwoord…afwachten…is het sleutelwoord…..De meest geweldige burgemeester ooit komt ook nog langs, geeft schouderklopjes en verzekert de bewoners dat het goed komt, dat hij er zorg voor draagt, we geloven hem, hij staat ervoor.

Op de terugweg zingt Guus over Brabant…..uitgestorven N209, oja…het is zondagavond 23.15 uur… Mijn gedachten gaan terug naar dat staatslot, de paarse gordijnen wapperend door het kapotte raam, de volledig stukgeslagen deur, de mensen in de kerk die vanavond niet thuis slapen, voorlopig waarschijnlijk niet thuis slapen, sommige waarschijnlijk dagen of weken niet bij hun spullen kunnen, simpele dingen als een oplader van een telefoon, een pinpas, of gewoon hun eigen koffie, brood of kaas. Niet….gewoon niet…

Stil luister ik naar Guus….ben ik blij dat ik toch dat wijntje maar gekocht heb zaterdag….kan ik gewoon op mijn eigen plekje mijn eigen ding doen.
Hulp is fijn, en wij vinden het fijn om te doen, maar wij gaan weer naar huis, naar ons eigen bed, onze eigen douche en onze eigen poezen en vogels. Na zo’n inzet als vanavond besef je weer hoe belangrijk “eigen” is, en dat dat zomaar  weggeblazen kan worden…Dat ook mijn staatslot over straat kan wapperen, dat ook mijn laptop zomaar onbereikbaar kan zijn.

De inzet, de passie het gevoel van de mensen die in dit soort geval helpen zijn ronduit bijzonder te noemen, betaald of onbetaald, ze zijn er allemaal. Ik hoop dat alle mensen uit deze getroffen flats hun eigen plekje onder de zon weer snel in mogen nemen….

 

Door Carolien de Vos