Het logo van het Nederlandse Rode Kruis.
Zoeken.
Home Over ons Humanitair oorlogsrecht Actueel Rode Kruis bezorgd over honderden geweldsincidenten tegen hulpverleners in conflictgebieden
30 januari 2012 |

Rode Kruis bezorgd over honderden geweldsincidenten tegen hulpverleners in conflictgebieden

​Als we in oorlogstijd respect hebben voor hulpverleners, waarom dan niet in vredestijd? Zo luidt de centrale vraag van de Sire campagne. Helaas blijkt ook dat respect in oorlogstijd steeds vaker ver te zoeken is. Waar neutrale medische hulp doelwit wordt van geweld, is de menswaardigheid het grootste slachtoffer. Niet alleen in Nederland; overal in de wereld.
 
Afgelopen woensdag werd Abdulrazak Jbero, hoofd van onze zusterorganisatie de Syrische Rode Halve Maan, doodgeschoten. Wie hiervoor verantwoordelijk is, is niet bekend en zal misschien nooit bekend worden. Wat deze aanslag extra ernstig maakt is dat hij reed in een auto waarop het embleem van de Rode Halve Maan duidelijk zichtbaar was. Dat is in strijd met vele internationale verdragen, waaronder de Conventies van Geneve. Het Rode Kruis veroordeelt ten zeerste elke aanval op hulpverleners en de voertuigen waarin ze rijden.
 
Het lijkt een incident, een zoveelste tragedie in het door geweld geteisterde land waar het aantal burgerslachtoffers nog altijd in hoog tempo toeneemt en waar in december ook al een ambulancemedewerker van de Syrische Rode Halve Maan werd gedood. Helaas staan de problemen in Syrië niet op zichzelf. Het geweld daar tegen hulpverleners is symptomatisch voor een wereldwijde trend.
Als Rode Kruis beweging zijn we ons bewust van de risico’s van het vak.
 
Aanvallen op neutrale hulpverleners en dragers van Rode Kruis of Rode Halve Maan emblemen komen geregeld voor. Afgelopen maandag troffen granaten een ziekenhuis van de Rode Halve Maan in Mogadishu, Somalië. Begin januari werd in Pakistan een werknemer van het Internationale Comité van het Rode Kruis ontvoerd. In 2011 werden we opgeschrikt door berichten over beschietingen van ambulances in Libië, arrestaties van medisch personeel in Bahrein wegens de onpartijdige uitoefening van hun werk, en gerichte aanvallen op medische faciliteiten in onder meer Congo en Sri Lanka. In augustus 2011 publiceerde het internationale Rode Kruis de resultaten van een onderzoek in 16 landen waarin 655 gewelddadige incidenten werden beschreven die in de voorafgaande 2,5 jaar hadden plaatsgevonden.
 
Medische hulpverleners doen hun werk bij conflicten en interne onlusten onder gevaarlijke omstandigheden. De emblemen, die niets anders betekenen dan “Niet aanvallen! Hier wordt onpartijdige hulp verleend”, zijn meestal de enige bescherming die zij in deze situaties hebben. Dat het respect voor de emblemen en voor de neutrale positie van medische faciliteiten en personeel lijkt af te nemen, is uiteraard een grote bron van zorg voor ons als hulporganisatie, maar moet dat ook zijn voor de internationale gemeenschap als geheel. Hulpverlening wordt onmogelijk als respect ontbreekt. Met alle gevolgen van dien voor slachtoffers, vaak juist diegenen die niet actief bij het conflict betrokken zijn.
 
Iedere aanslag op medische faciliteiten, en iedere hulpverlener die overlijdt of zijn werk niet kan doen, heeft enorme gevolgen. Ziekenhuizen blijven dicht, buitenlandse hulpverleners verlaten het land, en elke arts minder betekent honderden patiënten die geen behandeling kunnen krijgen. Terwijl juist in conflictsituaties medische hulp van levensbelang is. Als de veiligheid van hulpverleners teveel in gevaar komt, betekent dit in uiterste gevallen dat het Rode Kruis zijn werkzaamheden moet staken.
 
De Sire-campagne, die afgelopen jaarwisseling in Nederland startte, wijst op de bescherming die de Verdragen van Genève hulpverleners in oorlogstijd bieden. Waar het recht deze bescherming zou moeten garanderen, blijkt de praktijk weerbarstig. In Nederland, maar op veel grotere schaal in landen die geteisterd worden door gewelduitbarstingen. Overheden zijn verantwoordelijk voor de veiligheid van hulpverleners en hulpbehoevenden. Bij alle aanvallen op personen en faciliteiten die het rode kruis of rode halve maan embleem dragen wijst het Rode Kruis op de verplichting van overheden om een onderzoek in te stellen en de daders te vervolgen. Ook bij de moord op Jbero hebben wij de Syrische autoriteiten hiertoe opgeroepen.
 
De humanitaire taak van het Rode Kruis bestaat uit het leveren van neutrale en onpartijdige hulp en bijstand aan mensen in nood. Deze taak moet altijd en in alle omstandigheden worden gerespecteerd. Het Rode Kruis is al langer bezorgd over de vele geweldsincidenten tegen hulpverleners, medische faciliteiten en patiënten. Daarom startten we in augustus 2011 een wereldwijde campagne om aandacht te vragen voor de toegenomen onveiligheid van duizenden hulpverleners én hun patienten in landen die geteisterd worden door geweld. Het tragische nieuws over de moord op Jbero illustreert helaas eens te meer de noodzaak hiervoor. Zonder respect wordt hulpverlening moeilijk, en soms zelfs onmogelijk. Dat mogen we als internationale gemeenschap niet laten gebeuren.