Het logo van het Nederlandse Rode Kruis.
Zoeken.
Home Over ons Oorlogsarchief DNA mogelijke sleutel

DNA mogelijke sleutel

In samenwerking tussen enkele organisaties van politie, leger en Nederlandse Rode Kruis is formeel een project gestart om onopgehelderde vermissingzaken uit de Tweede Wereldoorlog op te lossen. De voorbereidingen voor de werkgroep begonnen al in 2007. In september 2008 is de werkgroep met subsidie van het Nationaal Fonds voor Vrijheid en Veteranenzorg begonnen met een pilot van een aantal vermissingzaken. Over deze vermisten hadden nabestaanden bij het Rode Kruis en bij de Bergings- en Identificatiedienst navraag gedaan.

Werkgroep Vermiste Personen Tweede Wereldoorlog

De werkgroep bestaat uit onderzoekers die vrijwilliger van het Nederlandse Rode Kruis zijn geworden, en functionarissen van verschillende instanties die ambtshalve meewerken. Deze partners zijn het Korps landelijke politiediensten (KLPD), Regiopolitie IJsselland en Brabant-Noord en de Bergings- en Identificatiedienst (BID) van de Koninklijke Landmacht. Daarnaast stelt het Nederlandse Rode Kruis onderzoekers en informatie uit het oorlogsarchief beschikbaar, en faciliteert het de vrijwilligers van de werkgroep.
 
De werkgroep houdt zich bezig met oorlogsvermissingen in Nederland en brengt informatie die over verschillende archieven verspreid ligt bij elkaar. Daarnaast speuren de onderzoekers naar mogelijk nieuwe bronnen: privé archiefcollecties, gemeentelijke en regionale archieven, en er zijn gesprekken met mogelijke getuigen van toen. De belangrijke rol van de BID, de KLPD en de regionale politiediensten heeft te maken met de huidige wetenschappelijke mogelijkheden voor identificatie door middel van DNA-analyse. Wanneer de werkgroep door onderzoek op het spoor van een mogelijke identificatie stuit wordt DNA afgenomen van de stoffelijke resten, en in de databank van het Landelijk Bureau Vermiste Personen (KLPD) opgenomen. Door vergelijking met een monster van DNA-wangslijmvlies van de mogelijke nabestaanden kan bij een match van de DNA-profielen een vermiste alsnog worden geïdentificeerd. 

Oorlogsvermisten

Het is niet duidelijk hoeveel vermisten uit de Tweede Wereldoorlog er nog zijn. Het gaat in Nederland zeker om ongeveer 600 personen. Van sommige vermisten is het lot wel bekend, maar niet de grafligging. De bezetter had de familie wel meegedeeld dat iemand was geëxecuteerd, maar niet waar hun dierbare was begraven. Van andere vermisten is daarentegen niet bekend wat er met hen is gebeurd. Tegelijkertijd zijn er nog talloze graven van mensen die na de oorlog niet konden worden geïdentificeerd. De werkgroep gaat ervan uit dat een deel van de geëxecuteerden, en een deel van degenen van wie het lot niet bekend is, als onbekenden zijn begraven.
 
Het terugvinden van een vermiste is voor de nabestaanden, ook 65 jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog, van groot emotioneel belang. Zij hebben de verdwijning nooit kunnen afsluiten. Voor de verwerking van het verlies is het belangrijk dat een vermiste alsnog wordt geïdentificeerd.

De '28 onbekenden' op het Ereveld Loenen 

In mei 2009 is op verzoek van de Werkgroep en in samenwerking met de Oorlogsgravenstichting die de erebegraafplaatsen beheert, onderzoek gedaan naar een groep van 28 onbekenden op het Ereveld Loenen. Deze ongeïdentificeerde personen behoren tot de groep van ruim 200 verzetsmensen die tussen 1941 en 1945 door de bezetter op de Waalsdorpervlakte zijn gefusilleerd. Na de oorlog werden de 28 als onbekenden herbegraven: zij konden met de methoden van toen niet worden geïdentificeerd. De werkgroep heeft door nieuw onderzoek een lijst met slachtoffers opgesteld die mogelijk als onbekenden in Loenen zijn herbegraven. De verwachting is dat door nabestaanden van deze 'kandidaten' op te sporen en DNA bij hen af te nemen, ten minste een deel van deze 28 onbekenden kan worden geïdentificeerd. Om dit mogelijk te maken zijn van de stoffelijke resten van de 28 onbekenden in mei 2009 DNA-monsters afgenomen.

DNA-afname

Dankzij vrijwillige afname van een DNA-wangslijmvliesmonster (met een staafje wordt in de mond wat wangslijmvlies afgenomen) bij nabestaanden van vermisten uit de Tweede Wereldoorlog, bestaat de mogelijkheid om vermisten alsnog te identificeren. Nabestaanden van vermisten die DNA-materiaal willen afstaan, of eerst meer informatie willen, kunnen met de werkgroep contact opnemen via het Rode Kruis. Dat kan via een email: vermistepersonenWO2@redcross.nl of per post: Nederlandse Rode Kruis, afdeling Oorlogsnazorg, postbus 28120, 2502 KC Den Haag.

Het Rode Kruis

Door oorlogen of rampen raken honderdduizenden mensen het contact met hun dierbaren kwijt. Het herstellen van familiebanden en het opsporen van vermisten tijdens en na conflicten en rampen is een van de kerntaken van het Rode Kruis. Al in 1909 heeft de toenmalige overheid aan het Nederlandse Rode Kruis gevraagd voor dit doel een Informatiebureau op te zetten. Na de Tweede Wereldoorlog werd het onderzoek naar het lot van vermisten en overledenen geconcentreerd bij het Informatiebureau van het Rode Kruis. Tot op de dag van vandaag ontvangt de afdeling Oorlogsnazorg van het Rode Kruis informatieverzoeken van nabestaanden om via het oorlogsarchief onderzoek te doen naar de lotgevallen van oorlogsslachtoffers en naar het lot van vermisten. Ook zoeken mensen naar informatie over hun eigen achtergrond en raadplegen wetenschappers het archief om het verleden te reconstrueren, beschrijven en verklaren.