Oefening nooddrinkwater: “Wat gebeurt er als ik per ongeluk toch een slokje uit de kraan drink?”
26 mei 2026
Het was een idee van onze Rode Kruis Studentendesk Amsterdam: taallessen voor Oekraïense vluchtelingen. En inmiddels zijn de lessen niet meer weg te denken! Iedere donderdagavond buigen bewoners van opvanglocatie Amerbos in Noord zich over schriftjes vol Nederlandse woorden.
Een klaslokaal vol doorzettingsvermogen
De Studentendesk werkt voor de lessen samen met vrijwilligers. Esin (23) en Natan (21) zijn twee van hen. Iedere donderdagavond geven zij anderhalf uur Nederlandse les aan een beginnersgroep van zo’n twaalf bewoners. En die groep blijft groeien: iedere week druppelen er weer nieuwe deelnemers binnen die graag Nederlands willen leren.
Op het bord staan Russische zinnen geschreven. Eén voor één lopen cursisten naar voren om ze te vertalen naar het Nederlands. “Mijn vriend is Armeniër.” “Mijn tante heeft drie zonen.” De huiswerkopdracht van deze week ging over de werkwoorden hebben en zijn, familieleden en nationaliteiten.
Aan tafel wordt ijverig meegeschreven. Ondertussen ontstaan vanzelf de vragen. Waarom spreek je ‘zonen’ uit als ‘zoon-en’ en niet als ‘zonnen’, terwijl er maar één o staat? “Nederlands is zo’n moeilijke taal”, verzucht een van de bewoners lachend.
“Ik woon en werk hier”
De bewoner, een jonge man die anoniem wil blijven, probeert vervolgens in het Nederlands uit te leggen waarom hij dat vindt: “De Nederlandse zinnen zijn heel anders dan in het Engels. Je zegt niet: vandaag ik ga werken. Maar: ik ga vandaag werken.”
Toch zet hij door. “Ik vind dat ik dat verplicht ben naar Nederland, want ik woon en werk hier.”
Hoe leg je Nederlands eigenlijk uit?
Voor vrijwilligers Esin en Natan zijn de lessen minstens zo leerzaam. Esin volgt een opleiding tot vertaler Russisch-Nederlands en Natan studeert Russische taal. Terwijl de klas nadenkt over bijvoeglijke naamwoorden, overleggen de twee vrijwilligers soms kort met elkaar: “Hoe leggen we dit uit?!”
Ook fouten horen erbij en zorgen vaak juist voor plezier in de groep. Wanneer iemand op het bord schrijft: “Ik heb ein dochter”, gaan meteen meerdere vingers omhoog. “Een! Niet ein!”, klinkt het vanuit verschillende hoeken. Even later schiet iedereen in de lach wanneer Natan per ongeluk ‘schoonvrouw’ zegt in plaats van ‘schoonmoeder’.
Samen oefenen, samen groeien
Aan het einde van de avond oefent de hele groep nog klassikaal de uitspraak van de Nederlandse i en ie. Door het lokaal klinkt ritmisch: “i-i-i-i-i” gevolgd door “ie-ie-ie-ie-ie”. De taallessen zijn overigens veel meer dan alleen grammatica en woordjes leren. Het is een moment voor bewoners om samen te komen en stap voor stap steeds meer vertrouwen te krijgen in hun nieuwe taal, en daarmee ook in hun plek in Nederland.