“Je doet wat je kan, elke dag opnieuw” – chirurg Geertje Govaert over haar werk in Gaza
12 december 2025
Ziekenhuizen worden gebombardeerd. Zorgverleners worden aangevallen. Patiënten worden gedood, elke dag. Vorig jaar kwamen hierdoor meer zorgverleners om het leven dan ooit. Niet per ongeluk, maar vaak als gevolg van doelbewuste aanvallen.
Medische zorg en humanitaire hulp in gewapende conflicten moeten beter worden beschermd. Dat vraagt ook om actie vanuit de Nederlandse politiek. Twaalf politieke partijen hebben beloofd om dit initiatief van Artsenfederatie KNMG, V&VN, het Rode Kruis en Artsen zonder Grenzen na de verkiezingen van 2025 te ondersteunen.
De politieke partijen die het stembusakkoord hebben ondertekend, beloven zich na de verkiezingen in te zetten voor een betere bescherming van zorgverleners. Het doel is dat Nederland een leidende rol gaat spelen in de bescherming van medische zorg en humanitaire hulp wereldwijd, door onpartijdigheid, neutraliteit en onafhankelijkheid van zorgverleners en humanitaire hulpverleners centraal te stellen in beleid.

De ondertekenaars van het stembusakkoord voor bescherming van medische zorg en humanitaire hulp in gewapend conflict spannen zich in de komende zittingsperiode van de Tweede Kamer in voor:
Bescherming van medische zorg en humanitaire hulpverlening
In de Verdragen van Genève spraken landen af dat medische zorg – inclusief zorgverleners (waaronder artsen en verpleegkundigen), ziekenhuizen, patiënten, medische transporten (waaronder ambulancevervoer) en faciliteiten – een beschermde status heeft en geen doelwit mag zijn in situaties van gewapend conflict.
Toegang tot medische hulp en zorg moet altijd gegarandeerd zijn, ongeacht de partijen in het conflict. Humanitaire hulpverlening vervult een cruciale rol in het redden van levens en het beschermen van mensen in conflictgebieden. Ook deze hulpverleners genieten bijzondere bescherming. Respect voor de onpartijdigheid, neutraliteit en onafhankelijkheid van zorgverleners en humanitaire hulpverleners is noodzakelijk om levensreddende hulp en zorg veilig en onbelemmerd te kunnen bieden.
Geweld tegen medische zorg en humanitaire hulpverlening escaleert
Ruim vijfenzeventig jaar na het ondertekenen van de Verdragen van Genève staat die norm zwaar onder druk. Van Afghanistan tot Syrië, van Jemen tot Gaza, en van Oekraïne tot Soedan – waar inktzwarte records worden gebroken – zien medische en humanitaire organisaties dat hun faciliteiten en medewerkers worden aangevallen. Soms zelfs als doelbewust onderdeel van militaire strategieën. Volgens het WHO Surveillance System for Attacks on Healthcare werden in 2024 meer zorgverleners gedood dan ooit eerder geregistreerd, en in 2025 was dat aantal al overschreden in juli.
Aanvallen op medische voorzieningen en medewerkers blijven toenemen. Deze trend tast de grondbeginselen van medische en humanitaire zorg aan en vormt een existentiële bedreiging voor neutrale, onafhankelijke organisaties en personen die onpartijdig en belangeloos zorg en hulp verlenen waarop talloze slachtoffers van conflicten zijn aangewezen.
Een leidende rol voor Nederland
Nederland is het gastland van het Internationaal Strafhof, het Permanent Hof van Arbitrage en het Internationaal Gerechtshof, alle gevestigd in Den Haag – Stad van Vrede en Recht. Bovendien verplicht artikel 90 van de Grondwet de regering om de internationale rechtsorde te bevorderen. Dat schept verantwoordelijkheden én verplichtingen.
Die verantwoordelijkheden en verplichtingen zijn concreet en urgent: zorgverleners (waaronder artsen en verpleegkundigen) en humanitaire hulpverleners wereldwijd staan in de frontlinie van vele crises. Zij riskeren hun leven om dat van anderen te redden. Zij hebben politieke steun nodig. Een gezamenlijk stembusakkoord biedt politieke partijen de kans om te laten zien dat zij deze verplichtingen erkennen en daarvoor verantwoordelijkheid willen dragen.
Klik op de afbeelding om de onderbouwing van de partij beter te kunnen lezen.
Wat is een stembusakkoord?
Een stembusakkoord is een soort belofte die politieke partijen vóór de verkiezingen doen. Het is een manier om nu al te laten zien dat ze betere bescherming voor zorgverleners belangrijk vinden en beloven zich hier na de verkiezingen voor in te zetten.
Waarom dit stembusakkoord?
Het is nog nooit zo gevaarlijk geweest om hulpverlener te zijn. Artsen, verpleegkundigen, ambulancepersoneel en hulpverleners mogen nooit doelwit zijn, maar worden steeds vaker aangevallen of belemmerd. Tegelijkertijd wordt de toegang tot zorg voor patiënten ernstig beperkt. Ambulances worden tegengehouden, ziekenhuizen vernietigd, medicijnen zijn onbereikbaar. Met dit stembusakkoord vragen de initiatiefnemers politieke steun voor het handhaven van het humanitair oorlogsrecht én voor het garanderen van ongehinderde toegang tot medische zorg, waar ook ter wereld.
Staat het geweld tegen zorgverleners en patiënten dan echt zo onder druk?
2025 is hard op weg om het dodelijkste jaar ooit te worden, voor zorgverleners in conflictgebieden. De WHO (World Health Organisation) houdt een lijst bij met geweld tegen zorgverleners. In 2025 hebben er tot nu toe 1060 aanvallen op zorgverleners en patiënten plaatsgevonden. Hierbij zijn ten minste 1243 doden gevallen. Het aantal zorgverleners dat overleden is tijdens hun werk in conflictgebieden is nu al hoger dan recordjaar 2024. Je kunt deze lijst zelf bekijken op de website van de WHO.
Wat vragen de initiatiefnemers van dit stembusakkoord aan de politieke partijen?
Nederland moet een leidende rol moet nemen in de toegang tot- en bescherming van medische zorg en humanitaire hulp. 2024 was het dodelijkste jaar voor hulpverleners en 2025 koerst af op een tragisch record. Om ons werk veilig te kunnen doen, hebben we de politiek nodig. Met deze handtekening zeggen politici toe om zich in een volgend kabinet onvoorwaardelijk in te zetten voor de bescherming van medische zorg en humanitaire hulp wereldwijd. Zodat zorgverleners veilig hun werk kunnen doen. Daarnaast zeggen ze toe om consequent partijen ter verantwoording te roepen die humanitaire hulp belemmeren en zorgverleners of ziekenhuizen aanvallen. Dat gebeurt volgens de initiatiefnemers nu onvoldoende.