Word vrijwilliger Doneer

Help de mensen uit Venezuela

Laatste update: 20 juni 2019

Hoe wanhopig ben je als je dagenlang gaat lopen, terwijl je amper eten en drinken hebt en met je kinderen langs de kant van de weg moet slapen?

4 miljoen mensen uit Venezuela zijn zo wanhopig. Zij zijn op de vlucht naar landen als Colombia, Brazilië, Peru en Ecuador.

Maar of het leven daar veel beter is? Ook de omringende landen kampen met armoede en onrust. Vluchtelingen rest vaak niets anders dan prostitutie, kinderarbeid of criminaliteit om aan voedsel te komen.

De achterblijvers kampen met grote tekorten. Maandelijks sterven honderden Venzolanen door gebrek aan medicijnen, die niet verkrijgbaar zijn of die door de prijsstijgingen onbetaalbaar zijn geworden.

We moeten de mensen uit Venezuela helpen.

Doneer nu
4 mln.

mensen gingen op de vlucht

meisje venezuela op de vlucht

Vluchtelingen op Aruba, Bonaire en Curaçao

Aruba, Bonaire en Curaçao liggen dichtbij Venezuela en daarom vluchten Venezolanen ook hier naartoe. De meesten van hen wagen de oversteek met bootjes. Vaak kloppen ze aan bij de Rode Kruis-afdelingen voor hulp.  Ze leven voortdurend in angst en onzekerheid. Hoe komen ze aan eten, aan kleren, aan medicijnen?

De toestroom aan vluchtelingen vormt een stevige uitdaging voor de eilanden. Hoeveel Venezolanen daadwerkelijk op de ABC-eilanden verblijven, is niet helemaal duidelijk. Volgens onofficiële schattingen leven er zo’n 12.000 tot 16.000 op Aruba en tussen de 15.000 en 25.000 op Curaçao.

Nog altijd komen dagelijks mensen aan op eilanden. Ze leven vaak onder de radar. Ze moeten maar zien hoe ze voor zichzelf kunnen zorgen. Daardoor is er een groot risico op uitbuiting en mensenhandel, waaronder gedwongen prostitutie.

Wat doet het Rode Kruis?

Vaak hebben de vluchtelingen een barre tocht van dagen achter de rug en zijn ze zwak en uitgedroogd als ze aankomen. 

Het Rode Kruis helpt met het verzorgen van tijdelijk onderdak en sanitaire voorzieningen, het uitdelen van voedsel en schoon drinkwater, het verlenen van medische zorg, vergroten van de veiligheid voor vrouwen en kinderen en contactherstel voor families die elkaar kwijt zijn geraakt.

Het Rode Kruis helpt vluchtelingen uit Venezuela in Colombia, Aruba, Curaçao, Brazilië, Peru, Ecuador, Argentinië, Chili, Guyana, Panama, Trinidad en Tobago en Uruguay.

In Venezuela zelf ondersteunt het Rode Kruis ziekenhuizen en klinieken met onder andere medische benodigdheden en generatoren. Jerrycans en waterzuiveringstabletten zijn uitgedeeld aan huishoudens in alle provincies. Ook wordt EHBO verleend bij demonstraties en kunnen mensen er terecht als ze hun familie of dierbaren kwijt zijn geraakt.

‘Politiseer ons niet’

Het Rode Kruis ziet signalen van politisering van de hulp en is bang dat hulpverlening in het land zelf daardoor lastiger wordt. “Ons werk is niet politiek. Politiseer ons niet”, luidt de oproep van Francesco Rocca, hoofd van het Internationale Rode Kruis (IFRC), vanuit Caracas in Venezuela.

Francesco Rocca roept iedereen op, in de regio en in de rest van de wereld, om de neutrale, onpartijdige en onafhankelijke rol van het Rode Kruis in het land te respecteren. ,,De focus van het Rode Kruis in Venezuela, en overal ter wereld, is mensen in nood helpen. En dan bedoel ik iedereen die onze hulp hard nodig heeft, ongeacht status of politieke mening. Dankzij onze grondbeginselen kunnen we hulpbehoevenden bereiken en ons werk doen.”

ziek kindje venezuela

“Zonder behandeling wordt hij een kasplantje”

In zijn Spiderman t-shirt scharrelt hij wat rond bij het opvangcentrum. De vijfjarige Samuel Garcia heeft een ernstige vorm van epilepsie en heeft dringend behandeling nodig. Een behandeling die sinds de crisis in Venezuela onmogelijk is.

“Zijn stuipaanvallen nemen toe. Zonder behandeling eindigt hij als een kasplantje”, vertelt zijn moeder Emily. “Dat gaf voor mij de doorslag om Venezuela te verlaten. In Colombia kan hij wél behandeld worden.”

Na een lange reis kan Samuel terecht bij de gezondheidskliniek van het Colombiaanse Rode Kruis in Cúcuta. Hier krijgt hij medicatie en een voorraad luiers. Een kinderarts onderzoekt hem en bevestigt wat Emily al weet. Samuel heeft meer nodig.

Moeder en zoon trekken verder. Naar een gespecialiseerde kliniek in Medellín. “We gaan asiel aanvragen in Colombia. Dan kan Samuel behandeld worden in de kliniek. Dit moet gewoon lukken. Andere opties hebben we niet.”

vrouw op de vlucht venezuela

“We blijven lopen totdat we niet verder meer kunnen”

De achttienjarige Yusmil trekt met haar broer door Colombia. “Toen we net aankwamen, heb ik mijn haar verkocht. Ik kreeg er 30.000 pesos voor (red. ongeveer € 8). Daar hebben we twee dagen van kunnen leven.

Het tweetal heeft zich aangesloten bij een grotere groep reizende Venezolanen. “Ik hoorde dat er gangs actief zijn die het hebben voorzien op reizigers. We durfden niet meer alleen te reizen.”

Vaak gaat Yusmil vooruit op de groep, meeliftend op een truck neemt ze dan alle bagage mee. “We kunnen niet met elkaar communiceren, dus het is altijd hopen dat het goed komt en we elkaar op de afgesproken plaats zien.”

Waar ze naartoe reizen? Yusmil weet het niet. “We weten niet waar we slapen vannacht. We weten niet waar we naartoe gaan. We blijven lopen, totdat we niet meer verder kunnen. Ik maak me nu vooral zorgen om de rondtrekkende gangs. En over de kou, als we straks in de bergen komen. Daar zijn we niet op gekleed.”