Verslikt iemand zich plotseling in het eten? Sta dan direct klaar om in actie te komen! Als iemand dreigt te stikken, kan jij als omstander het verschil maken. Hoe zie je of je moet ingrijpen en wat moet je doen?
Wat stel je vast bij een verslikking?
Zo herken je een lichte verslikking:
- De persoon is bij bewustzijn.
- De persoon kan luid hoesten, huilen, kokhalzen, spreken of hoorbaar ademen.
- Soms: een stemverandering.
Zo herken je een ernstige verslikking:
- Paniek of naar de keel grijpen.
- Niet kunnen spreken of ademen (wel soms piepende ademhaling).
- Soms: zacht of stil hoesten.
- Verminderd bewustzijn krijgen of bewusteloos raken.
- De huidskleur verandert: iemand wordt bijvoorbeeld blauw.
- De lippen verkleuren, ook deze worden vaak blauw.
Wat doe je bij een verslikking?
Dit moet je doen bij een lichte verslikking:
Als de persoon nog ademt en effectief hoest: moedig deze aan om door te hoesten totdat de verslikking voorbij is. Doe verder niets. Controleer of de persoon weer een normale ademhaling heeft.
Dit moet je doen bij een ernstige verslikking:
- Kijk in de mond van de persoon en verwijder zichtbare voorwerpen. Veeg niet blind met je vinger in de mond.
- Kleine hulpverleners kunnen de persoon eventueel laten zitten.
- Laat een omstander 112 bellen wanneer hoesten geen effect heeft. Zet de telefoon op de luidspreker, zodat je de aanwijzingen van de 112-centralist kunt horen terwijl je de handen vrij hebt.
- Als je alleen bent, geef dan eerst vijf rugslagen tussen de schouderbladen en vijf buikstoten voor het bellen van 112.
Geef vijf rugslagen:
- Ga aan de zijkant iets achter de persoon staan. Is deze groter dan jezelf? Dan kun je de persoon laten zitten.
- Ondersteun de borstkas met één hand en laat de persoon vooroverbuigen.
- Geef met de hiel van de andere hand maximaal vijf slagen tussen de schouderbladen.
- Geef elke slag met de intentie het voorwerp los te krijgen, in plaats van dat je direct alle vijf slagen achter elkaar geeft.
- Controleer of de luchtweg weer vrij is.
Hebben de slagen de luchtweg niet opengemaakt? Voer dan vijf buikstoten uit:
- Ga achter de persoon staan en sla je armen om het bovenste deel van de buik.
- Laat de persoon voorover leunen.
- Maak een vuist en plaats deze op het bovenste deel van de buik.
- Pak de vuist met je andere hand en trek met een snelle beweging naar je toe en naar boven.
- Doe dit vijf keer.
- Ga door met steeds vijf rugslagen en vijf buikstoten geven tot de verslikking is opgeheven. Volg verder de aanwijzingen van de 112-centralist.
Lukt het niet om buikstoten te geven door de omvang van de persoon (iemand is bijvoorbeeld zwanger of heeft obesitas)? Dan kun je borststoten geven. Laat de persoon zitten of met de rug tegen de muur of deur steunen. Duw met beide handen op het borstbeen.
Bij kinderen jonger dan 1 jaar worden in plaats van buikstoten borststoten gegeven door de twee-duimen-omcirkeltechniek (TDOT). (zie: Verslikking kind.)
Geef borststoten wanneer buikstoten onmogelijk zijn door de omvang van iemand (bijvoorbeeld door zwangerschap vanaf 20 weken of vanwege obesitas). Laat de persoon dan met de rug steunen tegen een muur of deur.
Leg de persoon bij bewustzijnsverlies voorzichtig in rugligging op de grond. Controleer of hulp onderweg is en laat eventueel alsnog 112 bellen. Start vervolgens met reanimatie. Volg de aanwijzingen van de 112-centralist.
Het is mogelijk dat door de buikstoten of het uitvoeren van borststoten inwendige organen beschadigd worden. De persoon moet daarom na het slikincident laagdrempelig onderzocht worden op mogelijk letsel.
Na het verwijderen van het voorwerp na hoesten of enkele slagen op de rug kan een stukje achterblijven in de luchtpijp en complicaties geven. De persoon blijft bijvoorbeeld hoesten, heeft moeite met slikken of houdt het gevoel dat er iets in zijn keel zit. Neem in dat geval contact op met de huisarts.
Download de gratis EHBO-app
Hoe herken je een beroerte? En wat als iemand een astma-aanval krijgt? In onze gratis app vind je alle EHBO-instructies overzichtelijk op een rij.