Wat het écht betekent om te vluchten: vier verhalen uit Libanon
15 april 2026
Aan de grens tussen Iran en Afghanistan stopt bus na bus, vol met mensen die geen kant meer op kunnen. Door nieuwe wetgeving in Iran en Pakistan worden miljoenen Afghanen gedwongen teruggestuurd naar een land dat voor velen soms al jaren niet als thuis voelt. Sommige terugkeerders spreken de taal niet eens en hebben geen idee wat hen te wachten staat.
Nicole van Batenburg, woordvoerder van het Nederlandse Rode Kruis, was afgelopen weken in Afghanistan. Aan de grens sprak ze met hulpverleners én met de mensen die daar aankomen. Alleen al in de afgelopen maand staken ruim een half miljoen mensen de grens over. De noden zijn hoog, ziet Nicole.
De omstandigheden aan de grens zijn ronduit schrijnend. Onder lappen en dekens proberen families een plek te vinden om te overleven. Er zijn nauwelijks voorzieningen. Geen toiletten, geen schaduw. De temperaturen lopen op tot boven de 40°C.
“Het is hartverscheurend”, vertelt Nicole. “Duizenden mensen worden hier met bussen afgezet, zonder idee waar ze naartoe moeten. Velen zijn al decennialang niet in Afghanistan geweest. Ze kennen de taal niet meer, hebben geen netwerk, geen woning, niets.”
Een ontmoeting die Nicole bijblijft, is die met een vader die zijn kinderen probeert gerust te stellen. “Hij vertelde me dat hij zijn kinderen voorhoudt dat ze binnenkort een huis hebben, en dat ze daarna naar school kunnen. Maar diep vanbinnen weet hij dat dit waarschijnlijk niet waar is. Hij wil zijn kinderen hoop geven, maar hij weet zelf ook niet waar hij heen moet.”
Iedereen heeft een verhaal. Zoals het zestienjarige meisje dat ze ontmoette, dat al sinds haar kindertijd moeite heeft met lopen. Haar familie had jarenlang gespaard voor een medische behandeling in Iran. Alles was al betaald, maar toen kwam de oproep om terug te keren naar Afghanistan. De behandeling kreeg ze nooit en het geld kregen ze niet terug.
“Dat meisje had zoveel hoop”, zegt Nicole. “Nu heeft ze alleen nog pijn, onzekerheid, en een plastic zak vol papiertjes met medicijnrecepten, doorverwijzingen en foto’s die genomen werden in het ziekenhuis.”

Aan de grens spreekt Nicole vooral veel gezinnen. Vrouwen die met angst in hun ogen vertellen dat ze geen idee hebben wat de toekomst brengt. “Voor de meesten is het nog maar de vraag of het veilig is, en of ze in aanmerking komen voor zorg of onderwijs.” Bijna de helft van de Afghaanse bevolking is afhankelijk van humanitaire hulp. Nu komen daar nog eens honderdduizenden mensen bij die álles kwijt zijn.
Hulpverleners van het Rode Kruis in Afghanistan staan bij de grens om de mensen daar te helpen. Ze geven mensen eten en water, wat hard nodig is in de warmte. Daarnaast proberen ze de mensen te ondersteunen en op te vangen in tenten en bieden ze medische hulp wanneer dit nodig is.
De grote uitdaging wordt nu hoe mensen hun leven in Afghanistan weer kunnen opbouwen, vaak zonder geld. “De Afghaanse Rode Halve Maan wil en kan ook daarbij helpen”, zegt Nicole. “Maar dat kan alleen maar met meer financiële middelen en ondersteuning. Er is dringend meer hulp nodig.”

Het is ramp op ramp in Afghanistan. Droogte, overstromingen, aardbevingen, economische crises, hoge werkloosheid en grote voedselarmoede. De mensen in Afghanistan hebben dringend hulp nodig. Met jouw donatie kunnen we hen helpen met medische zorg, voedsel en onderdak.