Waarom kiest het Rode Kruis geen partij in een conflict?
01 oktober 2026
Het klinkt misschien gek, maar zelfs tijdens oorlogen en gewapende conflicten zijn er regels waaraan strijdende partijen zich moeten houden. Deze regels vallen onder het ‘humanitair oorlogsrecht’ en bepalen wat wel en niet is toegestaan tijdens conflicten, waar dan ook ter wereld. In dit artikel lees je hoe dat zit.
De regels van het humanitaire oorlogsrecht zijn onder andere vastgelegd in de Verdragen van Genève, die in 1949 werden aangenomen en de basis vormen voor het oorlogsrecht. De verdragen zijn geïnspireerd op de ideeën van Rode Kruis-oprichter Henry Dunant, die in 1864 al opriep tot regels bij conflicten en oorlogen.
De verdragen beschermen mensen en objecten die niet of niet meer aan de gevechten deelnemen en hebben als doel het leed zoveel mogelijk te voorkomen. Daarom bevatten zij rechten en plichten voor alle strijdende partijen tijdens een gewapend conflict.

Een van de belangrijkste regels van het humanitair oorlogsrecht is dat burgers nooit direct het doelwit van een aanval mogen zijn. Dit betekent dat strijdende partijen hun aanvallen dus niet op burgers mogen richten. Daarnaast zijn burgerobjecten – zoals scholen, ziekenhuizen en kerken – beschermd en mogen deze niet (zomaar) worden aangevallen.
Strijdende partijen zijn verplicht bij iedere aanval goed te onderzoeken hoe ze zoveel mogelijk schade kunnen beperken. Dus als een militair doelwit naast een burgerobject ligt, heeft de aanvallende partij de plicht er alles aan te doen om nevenschade te voorkomen of te beperken.
Nee, de verdragen beschermen niet alleen burgers Ze beschermen onder meer zieken en gewonden, mensen die zich hebben overgegeven en krijgsgevangenen.
Dat werkt als volgt: krijgsgevangenen – militairen die tijdens een conflict gevangen zijn genomen door de vijand – moeten volgens de verdragen altijd menswaardig worden behandeld. Dit betekent dat zij altijd beschermd moeten worden tegen geweld, mishandeling en onmenselijke behandeling. Krijgsgevangenen mogen niet geïntimideerd, beledigd of blootgesteld worden aan publieke nieuwsgierigheid.
Ook verplichten de verdragen strijdende partijen ertoe om te voorzien in de basisbehoeften van krijgsgevangenen, zoals onderdak, voldoende voedsel, water en medische zorg. Al deze regels zijn bedoeld om de waardigheid en rechten van krijgsgevangenen te beschermen.
Het Internationale Comité van het Rode Kruis bezoekt krijgsgevangenen en zorgt ervoor dat krijgsgevangenen contact kunnen onderhouden met hun families.

Nee, niet alle wapens mogen zomaar worden ingezet. Het humanitair oorlogsrecht verbiedt wapens die niet in lijn zijn met de algemene beginselen.
Dit zijn bijvoorbeeld wapens die niet op een specifiek doel kunnen worden gericht, of wapens die onnodig leed veroorzaken, zoals antipersoneelsmijnen. Deze landmijnen liggen vaak vlak onder de grond begraven en ontploffen als iemand erop stapt of overheen loopt. Jaarlijks komen duizenden mensen om het leven door ontploffende mijnen die vaak jaren eerder door strijdende partijen in de grond zijn geplaatst. Nog veel meer raken erdoor verminkt. Daarnaast moeten strijdende partijen bij iedere aanval wapens gebruiken die zo min mogelijk nevenschade aanrichten.
Ja, de verdragen voorzien in hulp bij het opsporen van vermiste personen.
Wanneer tijdens conflicten alle communicatiemiddelen zijn verstoord, zoals telefoon en post, zijn de strijdende partijen verplicht een Nationaal Informatiebureau (NIB) op te richten. Dit bureau verzamelt en wisselt informatie uit over onder meer krijgsgevangenen. Het speelt daarmee een belangrijke rol bij het herstellen van contact tussen familieleden. Het Central Tracing Agency van het Rode Kruis ondersteunt deze uitwisseling op internationaal niveau. Ook het Nederlandse Rode Kruis speelt hierbij een belangrijke rol.
Aan oorlog zitten regels. Maar aan welke regels moeten strijders in een oorlog zich eigenlijk allemaal houden? In deze video leggen we 10 van de belangrijkste oorlogsregels uit.