Elke dag minder zorg in Gaza: hulpverleners voor onmogelijke keuzes
11 mei 2026
Een afgesloten zeestraat, stijgende olieprijzen en veel politieke hoofdrolspelers: de krantenkoppen staan bol van een conflict dat de wereld in zijn greep houdt. Maar over de mensen die eronder lijden, horen we amper. En dat moet veranderen.
Door: Harm Goossens, algemeen directeur van het Nederlandse Rode Kruis
Als directeur van het Rode Kruis baart het mij zorgen dat het zo weinig gaat over dit leed. We zijn afgestompt door het nieuws en vergeten dat het gaat om mensen met dromen en idealen. Van collega’s in Libanon hoor ik dat zij slapen in auto’s, leven in armoede en willen terugkeren naar hun dorpen in het zuiden, maar dat niet kunnen. De landbouwgrond die zij nodig hebben om te overleven, is verwoest. Hun huizen staan niet langer overeind. Ondertussen gaat het geweld er gewoon door.
Algemeen directeur van het Nederlandse Rode Kruis
We zien hoe gemeenschappen op de Westelijke Jordaanoever in toenemende mate in de knel komen, dat geweld hen uit hun huizen drijft en hun toegang tot wonen en werk steeds kleiner wordt. In Gaza lijkt de situatie in een impasse beland. Grootschalige toegang voor humanitaire hulp is er nog altijd niet, het afval stapelt zich op tussen de puinresten en zorgt voor ziekte-uitbraken. De zorg laat nog altijd te wensen over. Een klein stukje land, waar ruim twee miljoen mensen in erbarmelijke omstandigheden boven op elkaar leven en waar van wederopbouw nog altijd geen sprake is.
In Iran kwamen de afgelopen maanden duizenden mensen om het leven, met daarbovenop een veelvoud aan gewonden. Meer dan drie miljoen inwoners sloegen op de vlucht en velen leven nog altijd in onzekerheid. De schade is er enorm.
Het Rode Kruis verloor in de afgelopen maanden in totaal acht collega’s op deze plekken. Zij werden gedood tijdens hun levensreddende werkzaamheden. Dat is niet te bevatten. Alsof het niet genoeg is: dit conflict raakt ook onze wereldwijde hulpverlening. Door de blokkade van de Straat van Hormuz komen de hulpgoederen later aan op de plaats van bestemming. Spullen worden alsmaar duurder en de druk loopt op. Ook bij organisaties als het Rode Kruis. Terwijl de toegang tot mensen in nood minder wordt en de veiligheid terugloopt.
De wereld kijkt de andere kant op. Wanneer krantenkoppen gedomineerd worden door geopolitieke belangen en economische perikelen, maar het niet gaat over de mensen die daaronder lijden, dan moeten we ons afvragen of we samen wel op de goede weg zitten.
Want als we daadwerkelijk naar elkaar omkijken, vergroten we wereldwijde solidariteit. Ik ben ervan overtuigd dat dit ook de stabiliteit in de wereld ten goede komt. Empathie is hard nodig in een tijd waarin we geneigd zijn ons terug te trekken in onze schulp, om ons maar te onttrekken aan al die lelijkheid die onze beeldschermen vult.
Daarom is mijn oproep: vergeet niet dat er vaders, moeders, ouderen en kinderen schuilgaan achter al die snelle nieuwskoppen over politiek, schepen en olievaten. Zij verdienen het om genoemd te worden.