Rode Kruis opent gironummer 5125 voor slachtoffers aardbeving Venezuela  
Het Rode Kruis helpt na de aardbevingen in Venezuela.

Rode Kruis opent gironummer 5125 voor slachtoffers aardbeving Venezuela  

Tijd dringt, mensen levend onder het puin vandaan halen heeft hoogste prioriteit 

Het Rode Kruis opent gironummer 5125 na de zware aardbevingen vannacht in Venezuela, die in verschillende delen van het land grote schade aanrichtten. De precieze omvang van de ramp is nog onduidelijk, maar vele duizenden mensen hebben dringend hulp nodig. De eerste 72 uur zijn nu van levensbelang bij het zoeken naar overlevenden.  

Hulpverleners van het Venezolaanse Rode Kruis zijn direct na de ramp ingezet in de getroffen gebieden in het hoofdstedelijk gebied Caracas en in La Guaira. Reddingsteams zoeken actief naar overlevenden, bieden medische hulp en ondersteunen bij evacuaties van mensen uit het rampgebied. Andere teams onderzoeken de omvang van de schade, zodat zij weten welke hulp waar het hardst nodig is.  

Geld direct inzetten  

Ondanks ernstige schade aan belangrijke infrastructuur blijven de ziekenhuizen en poliklinieken van het Rode Kruis actief. Ondertussen mobiliseert de organisatie vrijwilligers en hulpgoederen die kunnen worden uitgedeeld. Denk aan huishoudelijke spullen, hygiënepakketten, voedsel en water. Dankzij veldonderzoek weten de teams meteen waar deze spullen het beste naartoe kunnen.  

Directeur van het Nederlandse Rode Kruis Harm Goossens: “Na een aardbeving zijn er, naast zoekteams en medisch hulp, altijd direct noodopvangplekken, traumazorg en psychosociale steun nodig. Daar helpen onze collega’s in Venezuela bij. Ook voldoende toiletten en drinkwater zijn essentieel. Geld dat het Rode Kruis ontvangt op gironummer 5125 wordt direct voor al deze hulp gebruikt.”  

Moeilijke situatie

 De zoek- en reddingsacties van het Rode Kruis hebben nu de hoogste prioriteit. Goossens: “Hulpverleners hebben nu geen tijd te verliezen. Zij werken onder moeilijke omstandigheden bij het zoeken naar slachtoffers, want krachtige naschokken zorgden al voor extra risico tijdens hun levensreddende werk. Deze mensen komen bovendien zelf uit de regio en zijn mogelijk ook geraakt door de aardbeving. Daarom kunnen we hen niet genoeg ondersteunen bij het belangrijke werk dat zij doen om anderen te helpen”, besluit Goossens.