Zorgen Rode Kruis over ebola blijven groot: ‘We zijn er nog lang niet’
Rode Kruis hulpverleners helpen bij een waardig en veilig afscheid bij een overleden persoon besmet met het ebolavirus in de Democratische Republiek Congo.

Zorgen Rode Kruis over ebola blijven groot: ‘We zijn er nog lang niet’

Hulporganisatie ziet vooruitgang, maar ebola blijft ons een stap voor

Volgens het Rode Kruis is de ebola-uitbraak in Oost-Congo nog lang niet onder controle. Ondanks dat het aantal besmettingen volgens de WHO lager ligt dan gevreesd, is het nog te vroeg om opgelucht adem te halen. Door beperkte testcapaciteit, moeilijke toegang voor hulpgoederen en wantrouwen, blijft het moeilijk om het virus in te dammen.

Hulpverleners van het Rode Kruis werken de klok rond. Er zijn al voorzichtige tekenen dat de hulpverlening effect heeft. Zo neemt het contactonderzoek, waarbij mensen die mogelijk besmet zijn 21 dagen lang worden gevolgd, toe: niet 20 maar 40 procent van alle vermoedelijke besmettingen wordt gevolgd. Daarnaast zijn steeds meer begrafenissen veilig. Beide zijn cruciaal om verspreiding tegen te gaan.

Hulp komt moeilijk op de juiste plek

De logistieke uitdagingen zijn groot. Het vliegveld van Bunia, de toegangspoort tot de zwaar getroffen regio Ituri, is pas net weer open. Hulpgoederen komen via lange, dure en complexe routes het gebied in, vaak via Oeganda. Daarom lenen organisaties materiaal van elkaar. Vorige week transporteerde het Rode Kruis 13 kits voor veilige begrafenissen naar Oost-Congo, die gebruikt kunnen worden voor het bergen van 200 lichamen van mensen die mogelijk zijn overleden door ebola.

Liefde en misinformatie als grootste vijand

Daarnaast blijft misinformatie een van de grootste obstakels. Angst en geruchten zorgen ervoor dat mensen zich niet melden, zorg vermijden en contactonderzoek wordt bemoeilijkt. Lokale Rode Kruis-vrijwilligers gaan daarom van deur tot deur om vertrouwen op te bouwen en goede informatie te delen. In een regio met conflict en een kwetsbaar zorgsysteem zijn zij essentieel om het virus in te dammen. Zij bereiken de mensen waar internationale hulp moeilijk komt.

Harm Goossens, directeur van het Nederlandse Rode Kruis: “Het is een groot menselijk dilemma. Mensen willen afscheid nemen, hun dierbaren aanraken. Dat is menselijk, maar bij ebola levensgevaarlijk. De grootste vijand van ebolabestrijding is liefde.”

Dit is hét moment om door te pakken

Hoewel er voorzichtige vooruitgang is, blijft de situatie fragiel. Het Rode Kruis haalde al 690.000 euro op via Giro 7244 in de strijd tegen ebola. Dat is echter lang niet genoeg om de uitbraak echt in te dammen. Meer geld is hard nodig om beschermingsmiddelen zoals pakken, handschoenen en chloor aan te schaffen.

“Dit is geen moment om achterover te leunen”, waarschuwt Goossens. “Zolang we niet iedereen bereiken met hulp, zorg en betrouwbare informatie blijft ebola ons een stap voor.”