Wat het écht betekent om te vluchten: vier verhalen uit Libanon
15 april 2026
Het conflict in Soedan verdiept zich steeds verder. Het geweld gaat al meer dan tweeënhalf jaar onophoudelijk door. Gewonden kunnen nauwelijks worden verzorgd door het gebrek aan faciliteiten, en er is geen plek op de wereld waar zoveel mensen zijn gevlucht. Sommigen niet één keer, maar twee of zelfs drie keer. Ook in 2026 gaat het geweld helaas onverminderd door.
In april 2023 escaleerde het conflict in de Soedanese hoofdstad Khartoem. Het was het begin van een bloederige strijd die zich over het hele land verspreidde.
Fanny de Swarte werkt voor het Rode Kruis in Soedan vanuit de havenstad Port Soedan. Hoewel ze al op veel verschillende plekken in de wereld heeft gewerkt en sinds 1999 humanitair werk doet, kan ze de situatie in Soedan met niets vergelijken. “Van het niveau van geweld dat hier plaatsvindt, heb ik nog nooit gehoord. In Port Soedan is het relatief veilig, maar ook hier hoor ik drones overvliegen. Al mijn collega’s van de Soedanese Rode Halve Maan, zoals het Rode Kruis hier heet, zijn gevlucht. Een collega heeft zijn familie al anderhalf jaar niet gezien.”
Sinds het begin van de escalatie zijn miljoenen mensen gevlucht voor het geweld. De meesten vluchten naar veiligere gebieden binnen Soedan, in de hoop ooit weer naar huis te kunnen. Maar de realiteit is dat je nergens in het land echt veilig bent. Overal kan het geweld plotseling escaleren, waardoor je opnieuw op de vlucht moet slaan.

Collega Fanny bezoekt een vluchtelingenkamp in Soedan waar mensen naartoe zijn gekomen opzoek naar veiligheid.
Nadat het geweld in sommige gebieden afneemt, keren enkele mensen terug naar hun huis. Fanny sprak met een man met een visuele beperking die ook terugkeerde. “De man moest vluchten toen het geweld in Khartoem escaleerde. Met hulp van anderen kon hij ontsnappen, maar omdat hij niet kon zien en de straten en routes van zijn nieuwe woonplaats niet kende, was hij afhankelijk van de mensen om hem heen. Zodra het geweld in de hoofdstad afnam, keerde hij terug. De straten in Khartoem kende hij uit zijn hoofd, waardoor hij weer zelfstandig kon zijn. We hebben hem geholpen met een startbedrag zodat hij een onderneming kon opzetten en financieel onafhankelijk werd. Mensen willen zo graag hun leven weer oppakken en niet afhankelijk zijn van hulp. Dat merk je overal.”
Maar veel mensen kunnen niet terugkeren, zoals de mensen die zijn gevlucht uit Al-Fasher. Wat er precies in dat gebied gebeurt weet niemand, omdat er geen hulpverleners worden toegelaten. De verhalen van de mensen die hebben kunnen vluchten zijn echter afschuwelijk. “We horen dat mensen bij checkpoints zijn misbruikt, op straat worden neergeschoten en dat er een groot voedseltekort is. Wat mensen meemaken is echt onvoorstelbaar. Hulp moet onmiddellijk worden toegelaten.”
2025 was een verdrietig jaar voor de Soedanese Rode Halve Maan. Zes hulpverleners werden gedood terwijl zij mensen probeerden te helpen. “Dit heeft een diepe impact op het team. Je merkt verslagenheid bij collega’s en het tast ook hun mentale gezondheid aan. Maar we mogen de hoop niet opgeven.”
Over een nieuwjaarswens hoeft Fanny niet lang na te denken. “Dat het conflict stopt en dat hulpverleners hun werk onbelemmerd kunnen doen.”
Ziekte, honger en geweld maken het leven in Soedan ondraaglijk voor miljoenen mensen. Het Rode Kruis helpt onder andere met medische zorg, schoon drinkwater, eerste hulp en mentale ondersteuning. Maar er is nog veel meer hulp nodig. Steun jij onze hulp met een gift? Help mee via de knop hieronder of geef op rekeningnummer NL83 INGB 0000 0068 68 onder vermelding van ‘Soedan’.