Terwijl Soedan uit beeld raakt, houden vrijwilligers hoop levend
Hulpverlener van de Soedanese Rode Halve Maan helpt mensen die op de vlucht zijn
Conflict

Terwijl Soedan uit beeld raakt, houden vrijwilligers hoop levend

Miljoenen mensen in Soedan zijn op de vlucht voor geweld, honger en ziekte. Toch blijven duizenden hulpverleners van de Soedanese Rode Halve Maan mensen bereiken, vaak als enige hulporganisatie in de omgeving. Van vluchtelingenkampen midden in de woestijn tot verwoeste steden: overal proberen vrijwilligers hoop levend te houden.

Een vergeten crisis

Door de humanitaire crisis in Soedan hebben 35 miljoen mensen hulp nodig. Toch neemt de internationale aandacht voor de crisis steeds verder af. Dat was voor Derk Segaar aanleiding om naar Soedan af te reizen. Als hoofd Internationale Hulp van het Rode Kruis en speciale afgezant voor Soedan van de IFRC wilde hij met eigen ogen zien hoe mensen zich daar staande houden. “Ondanks de omvang van deze crisis hoor je er maar weinig over. Terwijl miljoenen mensen iedere dag proberen te overleven”, vertelt Derk.

Aangekomen in de woestijn

Vlakbij Atbara, een stad aan de rand van de woestijn, komt Derk aan in een vluchtelingenkamp. De temperatuur loopt op tot boven de 40°C. Schaduw is er nauwelijks en door de aanhoudende droogte hangt er voortdurend een mist van stof in de lucht. Daar ontmoet hij een groep mensen die uitgehongerd en gewond in het kamp zijn aangekomen, nadat ze dagen door de woestijn hebben gelopen, op zoek naar veiligheid. 

Toch behoren zij tot de gelukkigen. Ze zijn ontsnapt aan het geweld en hebben een plek bereikt waar hulp beschikbaar is. Die hulp komt van vrijwilligers van de Soedanese Rode Halve Maan. Met beperkte middelen bieden zij medische zorg, schoon water en sanitaire voorzieningen. Ook staat er een mobiele kliniek waar mensen terechtkunnen voor eerste hulp en is er een ambulance om de zwaargewonden naar een ziekenhuis te brengen. 

Een vluchtelingenkamp nabij Atbara biedt onderdak aan mensen die zijn gevlucht voor geweld.
Een vluchtelingenkamp nabij Atbara biedt onderdak aan mensen die zijn gevlucht voor geweld.

De druk op steden groeit

Maar Atbara staat niet op zichzelf. Overal in Soedan worden grote groepen mensen opgevangen, die alles zijn kwijtgeraakt. In Shendi, een kleine agrarische stad aan de Nijl, ten noorden van Khartoum, is de druk enorm. Zo’n 400.000 mensen zoeken hier veiligheid. Voor een gemeenschap die zelf al moeite heeft om rond te komen, is dat een enorme opgave. 

Toch blijven inwoners hun schaarse middelen delen met mensen die zijn gevlucht. “Mensen helpen elkaar waar ze kunnen, terwijl ze zelf vaak ook hard getroffen zijn”, ziet Derk. Vrijwilligers van de Rode Halve Maan ondersteunen met onderdak, financiële hulp en medische zorg. “Het is moeilijk voor te stellen hoe de kleine gemeenschap van Shendi eruit zou zien zonder de hulp van de Soedanese Rode Halve Maan” merkt Derk op.

Derk Segaar (rechts) neemt deel aan een community clean-up georganiseerd door de Soedanese Rode Halve Maan
Derk Segaar (rechts) neemt deel aan een community clean-up georganiseerd door de Soedanese Rode Halve Maan

Hoop tussen de verwoeste gebouwen van Khartoem

Diezelfde veerkracht ziet Derk terug in Khartoem. Bijna 2,8 miljoen Soedanezen zijn teruggekeerd naar delen van de hoofdstad. Op het eerste gezicht lijkt dat hoopvol. Maar eenmaal in de stad wordt duidelijk hoeveel werk er nog voor hen ligt. Grote delen van Khartoem zijn beschadigd of verwoest. Huizen zijn leeggeplunderd, zitten vol met kogelgaten en zelfs de electriciteitsbedrading is vaak uit de muur getrokken voor het koper. In veel wijken ontbreekt toegang tot schoon water, elektriciteit en medische zorg. 

Toch bleven vrijwilligers van de Soedanese Rode Halve Maan aanwezig, ook toen veel hulporganisaties vanwege het geweld vertrokken. Een vrijwilliger vertelt Derk waarom: “We wilden mensen hoop geven en laten zien dat ze er niet alleen voor stonden.” 

Als de avond valt, komt Khartoem langzaam weer tot leven. Families zitten buiten. Kinderen spelen op straat. Op sommige plekken openen cafés weer hun deuren. Tussen de beschadigde gebouwen proberen mensen langzaam hun leven weer op te bouwen.

Vrijwilligers van de Soedanese Rode Halve Maan delen medicijnen uit en verstrekken medische hulp in Khartoem
Vrijwilligers van de Soedanese Rode Halve Maan delen medicijnen uit en verstrekken medische hulp in Khartoem

Achter de veerkracht schuilt een enorme nood

Volgens Derk gaat deze crisis inmiddels over meer dan geweld alleen. “Het gaat over gezinnen die jarenlang van huis zijn weggeweest en mensen die terugkeren naar steden waar huizen, scholen en ziekenhuizen zwaar zijn beschadigd. Ondanks alles zie ik ook veel veerkracht.” 

Maar veerkracht alleen is niet genoeg. Op dit moment is slechts 35 procent van het geld dat nodig is om mensen te helpen beschikbaar. Derk maakt zich daar zorgen over. “De wereld lijkt Soedan vergeten te zijn. We hebben dringend meer steun nodig om mensen te kunnen blijven helpen.” 

Want achter de cijfers schuilen miljoenen mensen die proberen hun leven weer op te bouwen. Mensen die, ondanks alles wat ze hebben meegemaakt, vooruit blijven kijken.