Wat het écht betekent om te vluchten: vier verhalen uit Libanon
15 april 2026
Het afgekondigde staakt-het-vuren tussen de Verenigde Staten en Iran betekent dat we onze hulp kunnen opschalen. De Iraanse Rode Halve Maan helpt tienduizenden mensen met medische zorg, voedsel en water. Tegelijkertijd houdt het geweld in Libanon onverminderd aan. Veel mensen lopen gevaar en zijn hun huis ontvlucht: voor hen is niets zeker.
Duizenden hulpverleners van de Iraanse Rode Halve Maan, zoals het Rode Kruis daar heet, kwamen afgelopen week in actie. Zij leidden zoek- en reddingsoperaties in het hele land, verlenen eerste hulp, coördineren logistiek en hielpen mensen om te evacueren. Ook hielpen ze mensen met psychosociale ondersteuning in deze heftige tijd.

Door het staakt-het-vuren kunnen we onze hulp opschalen en beginnen met het herstel van de ingestorte gezondheidszorg. Drie belangrijke ziekenhuizen zijn niet meer operationeel en zo’n drieduizend huizen zijn beschadigd. Ook verwachten we dat hulp verlenen veiliger wordt. De Iraanse Rode Halve Maan verloor vier vrijwilligers en zeventien raakten gewond terwijl ze aan het werk waren. En dat terwijl hulpverleners nooit doelwit mogen zijn.

Het is inmiddels meer dan een maand geleden sinds het geweld in Libanon escaleerde en de aanvallen blijven doorgaan. De situatie is schrijnend: zeker 1,3 miljoen mensen zijn op de vlucht in eigen land. “Er zijn zoveel luchtaanvallen geweest. Niemand weet wat er nog over is”, vertelt Farah, een moeder van twee kinderen, die haar huis moest ontvluchten. Mensen slapen op straat, in tenten, dozen en auto’s.
Teams van het Libanese Rode Kruis werken dag en nacht om zoveel mogelijk mensen te helpen: ze behandelen gewonden, brengen patiënten naar ziekenhuizen en richtten opvanglocaties in voor de honderdduizenden mensen die hun huis moesten verlaten. “Ik zie kinderen in pyjama op straat, die zich in een uitzichtloze situatie bevinden”, vertelde onze collega Anke Bert in Libanon. Lees hier het interview.

Het Libanese Rode Kruis blijft de belangrijkste organisatie voor ambulancediensten in het land, met 125 ambulances, 12.000 vrijwilligers en 400 medewerkers. Vanuit zestien meldkamers coördineren vrijwilligers de hulpacties in het land. Zij hielpen afgelopen maand onder andere met:
Vrijwilliger bij het Libanese Rode Kruis

Hoewel de aandacht nu vooral uitgaat naar het gebied waar het geweld het hevigst is, mogen we de mensen in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever niet vergeten. Ook daar is het geweld niet voorbij. Hulpverleners van de Palestijnse Rode Halve Maan doen hun uiterste best om zoveel mogelijk mensen te helpen, maar worden gehinderd door grote tekorten en praktische beperkingen. Bijna alle grensovergangen zijn gesloten voor goederen en medische evacuaties. Op de Westelijke Jordaanoever is het voor de hulpverleners van de Rode Halve Maan steeds moeilijker om vrij te bewegen door het gebied.
Algemeen directeur Nederlandse Rode Kruis
Iedereen die in nood is, moet op ons kunnen rekenen. Of dat nu in het Midden-Oosten is, of in Oekraïne of Soedan. Juist dáár zijn wij. Om mensen te helpen waar dat voor anderen onmogelijk is. Mensen die leven te midden van geweld, op de vlucht zijn of die proberen hun leven weer op te bouwen. Voor hen zorgen we voor schoon drinkwater, voedsel, onderdak en medische zorg. De basis die mensen nodig hebben om te overleven en om weer vooruit te kunnen kijken. Help je mee?