Word vrijwilliger Doneer

Vragen over Oorlogsarchief van het Rode Kruis

Geplaatst op: 11 januari 2020

‘Wie is eigenaar van de herinnering?’ In het Parool van zaterdag 11 januari is een opiniestuk te lezen van Frits Barend en Raymund Schütz over deze vraag en de overdracht van het Oorlogsarchief van het Nederlandse Rode Kruis aan het Nationaal Archief. Het Rode Kruis kan zich de zorgen met betrekking tot toegankelijkheid goed voorstellen en heeft deze in zijn gesprekken met het Nationaal Archief ook altijd aandacht gegeven. Het Rode Kruis vindt het belangrijk dat deze historische gegevens zo goed mogelijk worden bewaard, en toegankelijk zijn en blijven voor betrokkenen. Het Rode Kruis blijft zich daar ook hard voor maken, in nauw overleg met het Nationaal Archief en belanghebbende organisaties. Hoe zit dit precies? De belangrijkste vragen op een rij.

Wat is het Oorlogsarchief en waarom is dit overgedragen aan het Nationaal Archief?

In 1909 krijgt het Nederlandse Rode Kruis van de overheid de taak berichten over te brengen over gesneuvelde soldaten, gewonden en krijgsgevangenen in oorlogstijd. In de Tweede Wereldoorlog wordt bij het Rode Kruis het Informatiebureau opgericht om vermiste Nederlandse burgers op te sporen en daarover informatie te geven. Dit Oorlogsarchief is gedurende de oorlog en daarna uitgegroeid tot 1,3 km materiaal, dat veel nabestaanden duidelijkheid gaf over het lot van hun dierbaren.

Het Oorlogsarchief is daarmee belangrijk erfgoed en een indringende herinnering aan de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust. Het Rode Kruis wil borgen dat deze informatie voor de eeuwigheid behouden blijft, juist om de herinnering levend te houden en om mogelijk te maken dat nabestaanden en onderzoekers het materiaal kunnen blijven raadplegen. Daarom heeft het Rode Kruis het Oorlogsarchief overgedragen het Nationaal Archief, een erfgoedinstelling met de juiste middelen en expertise om de stukken onder goede condities te bewaren, toegankelijk en zichtbaar te maken.

Heeft deze overdracht ‘in stilte’ plaatsgevonden?

Organisaties die de Joodse, Indische, Roma en Sinti gemeenschappen vertegenwoordigen als ook de politieke gevangen, hebben in 2017 meegedacht over wat nodig was voor een goede (kennis)overdracht van het Oorlogsarchief. Begin 2018 hebben het Rode Kruis en het Nationaal Archief de overdracht bekendgemaakt.

Is het Oorlogsarchief bij het Nationaal Archief nog toegankelijk voor nabestaanden?

Net zoals bij het Rode Kruis is het mogelijk om kaarten van familieleden te bekijken. Sinds mei 2018 is de Algemene Verordening Persoonsgegevens (AVG) van kracht en hebben alle instellingen in Nederland de plicht de privacy te beschermen van nog levende mensen die voorkomen in archieven en andere bestanden. Dat geldt zowel voor het Rode Kruis als het Nationaal Archief.

Op dit moment onderzoeken juristen van het Nationaal Archief voor elke collectie (waaronder de Joodse Raad Cartotheek) of de wet geheel of gedeeltelijke openbaarheid toestaat. Het Nationaal Archief gaat tevens in gesprek met Herinneringscentrum Kamp Westerbork en het Joods Cultureel Kwartier om een oplossing te zoeken zodat zij onderzoek kunnen blijven doen en overlevenden en nabestaanden van dienst kunnen zijn bij informatieverzoeken. Het Rode Kruis is daar voorstander van.

Wie is eigenaar van het Oorlogsarchief?

De collecties van het Oorlogsarchief zijn tussen 1940 en 1950 door verschillende instanties aan het Rode Kruis overgedragen. Het Rode Kruis heeft de collecties ruim 70 jaar onder zijn hoede gehad en heeft er in 2018 voor gekozen om het over te dragen aan het Nationaal Archief, in het belang van de huidige en toekomstige generaties. Het Rode Kruis heeft er vertrouwen in dat het Nationaal Archief het Oorlogsarchief voor toekomstige generaties zo toegankelijk mogelijk zal bewaren.

Wil je meer weten over hulp in Nederland?