Iran en Libanon: duizenden Rode Kruis-hulpverleners in actie voor getroffenen
08 april 2026
Het Internationale Rode Kruis (ICRC) moet noodgedwongen het kantoor in Gaza-Stad sluiten. Het escalerende geweld maakt het onmogelijk om de veiligheid van hulpverleners te garanderen. Ze worden daarom nu naar het zuiden van de Gazastrook gebracht. Vanuit daar doen ze er alles aan om de tienduizenden mensen die nog in Gaza-Stad wonen van hulp te voorzien.
Dit zeer moeilijke besluit is genomen omdat het ICRC, zoals het internationale Rode Kruis in conflictgebieden heet, de veiligheid van collega’s in Gaza-stad niet meer kan waarborgen. “Dat het Rode Kruis genoodzaakt is om teams terug te trekken uit Gaza-Stad, is verschrikkelijk”, reageert Harm Goossens, directeur van het Nederlandse Rode Kruis op het nieuws. “Mensen in Gaza-Stad hebben de hulp keihard nodig. De hulpverleners van de Palestijnse Rode Halve Maan blijven medische hulp bieden en werken onvermoeibaar door, maar niet zonder gevaar. Het is aan de gehele internationale gemeenschap én Nederlandse overheid om met ons van de daken te schreeuwen: hulpverleners moeten altijd en overal hun werk kunnen doen.”
Het Internationale Rode Kruis is al tientallen jaren actief in Gaza-Stad en bleef zo lang mogelijk om de mensen te beschermen en te helpen. Zodra het kan en de veiligheid het toelaat, zullen hulpverleners van het ICRC weer terugkeren naar Gaza-Stad.
Al twee jaar houdt het geweld in Gaza aan. Mensen worden gedood, met geweld verdreven en gedwongen te leven onder erbarmelijke omstandigheden. Er is een gebrek aan alles: voedsel, drinkwater, medicatie en noodhulp. Het escalerende geweld in Gaza-stad maakt de situatie nog nijpender voor de Gazanen.
Ook hulpverleners komen onder vuur te liggen. In 2024 en 2025 werden 27 hulpverleners van de Palestijnse Rode Halve maan gedood terwijl ze hulp verleenden. Het ICRC monitort constant of terugkeer naar Gaza-Stad mogelijk is, om de hulpverlening weer op te pakken.
Want hoe moeilijk de situatie ook is, we zullen er altijd alles aan doen om hulp te blijven bieden aan mensen in Gaza-Stad. Het gaat daarbij om het leveren van medische goederen aan de enkele overgebleven ziekenhuizen en medische klinieken in de stad. Ook ondersteunt het ICRC bakkerijen die dagelijks duizenden broden maken voor uitgehongerde mensen. Hulpverleners van de Palestijnse Rode Halve Maan blijven hulp verlenen in het gebied.
In Rafah, in het zuiden van Gaza, is het Rode Kruis-veldziekenhuis nog wel open. Dat is de levenslijn voor de vele gewonde patiënten die er dagelijks worden binnengebracht. Maar ook daar worden maatregelen getroffen. Er zijn extra containers om in te schuilen en in de operatietenten zijn ijzeren daken geplaatst om hulpverleners te beschermen tegen afgedwaalde kogels.
“We horen van collega’s dat de meeste tenten al kogelgaten hebben. Dat is de realiteit”, licht Harm toe. “In die operatiekamers worden mensenlevens gered. Toch blijkt het er tegelijkertijd levensgevaarlijk. Terwijl het Rode Kruis-embleem duidelijk gemarkeerd op de daken staat. Een ziekenhuis mag nooit een doelwit zijn.”
Dat burgers, hulpverleners en kinderen doelwit zijn van geweld is onacceptabel. Dit geweld moet en kan vandaag nog stoppen. Volgens het humanitair oorlogsrecht moeten burgers en hulpverleners worden beschermd. Altijd en overal, ook in Gaza-Stad. Humanitaire hulp moet onbelemmerd worden toegelaten.